NFK DokuWiki

Εν οίδα ότι ουδέν οίδα

User Tools

Site Tools


opo:nl:ba2:sem2:moderne_tijd_2

Geschiedenis van de wijsbegeerte van de Moderne Tijd II

Vakbeschrijving

Studiemateriaal

  • Reader met teksten, verkrijgbaar bij de cursusdienst

Opinies

Downloads

Examenvragen

Met dank aan Nynke Van Uffelen.

2018-2019 (Karin de Boer)

  • Bespreek de relatie tussen Hegel zijn filosofie en het christendom
  • Wat is Kierkegaard zijn kritiek op de (Hegeliaanse) filosofie van zijn tijd?
  • Hegel's onderscheid an sich - für sich + werking van wereldgeschiedenis
  • Nietzsche en de overgang van herenmoraal naar slavenmoraal + eigen mening (vind je het correct dat Nietzsche zijn tijd als de slavenmoraal zag)
  • Kant en de verschillende oordelen + voorbeelden
  • Feuerbach: tekstfragment over vervreemding: p 70 alinea 3 alles boven en exclusief de zin met 'religie is het indirecte zelfbewustzijn van de mens'
  • Kant heeft het over vrijheid. in welke situatie moet de mens vrij zijn en in welke moet hij gehoorzamen. gegeven de eis tot gehoorzaamheid, hoe kan een volk toch vrij worden?
  • Leg uit waar Marx zich aansluit bij Feuerbach in diens kritiek op Hegel. Leg ook uit waar Marx zich distantieert van Feuerbach.
  • Tekstfragment van Fichte: leg uit wat de taak van de wetenschapsleer volgens Fichte was en betrek Kant hierin door een “handeling van de menselijke geest” uit te leggen.
  • Waarom wordt Marx' filosofie een historisch materialisme genoemd?
  • Kritiek van Nietzsche op Schopenhauer
  • Was Hegel een cultuurrelativist?
  • Kant en verlichting: hoe kan een cultuur evolueren naar een verlichte cultuur, wat zijn de gevolgen en hoe gaat dit praktisch?
  • Volgens Schopenhauer is de wil het basisprincipe van alles. Leg uit. Kan dit leiden tot gevaarlijke gevolgen?
  • Leg uit: genealogie bij Nietzsche
  • Schopenhauer: principe toereikende grond uitleggen. Wanneer is dit niet van toepassing?
  • Kant: analytische a priori, synthetische a priori, synthetische a posteriori. Leg uit en geef telkens een voorbeeld.
  • Tekstfragment prolegomena. Kant's reactie op Hume, maar ook kritiek op rationalisme. (Leg uit hoe Kant het empirisme en het rationalisme heeft geprobeerd te verzoenen) [waarneming en ratio zijn BEIDE vereiste voor objectieve kennis]
  • Overeenkomsten Hegel & Marx en verschil Hegel & Marx
  • Vervreemding bij Feuerbach
  • Welke kritiek geeft Nietzsche op Schopenhauer in de inleiding van zijn “genealogie van de moraal”?

2014-2015 (Karin de Boer)

  • Kant: citaat over de categorieën. In hoeverre verdedigt hij het rationalisme en in hoeverre valt hij het aan?
  • Marx: de maatschappelijke ontwikkeling wordt bepaald door veranderingen in de productiewijze. Leg uit en ga hierbij in op het onderscheid dat Marx maakt binnen de productiewijze. Bijvraag: relevantie van Marxisme vandaag
  • Kierkegaard: dit was een van de leesvragen. “De ethicus zegt voor de vrijheid te strijden (650), en dat geldt denk ik evengoed voor Kierkegaard. Dat houdt in dat hij mensen niet kan voorschrijven hoe ze moeten leven. Anderzijds verwijt hij de gangbare filosofie juist dat deze zich geheel afzijdig houdt van de vraag omtrent de existentiële keuzes van het individu. Is Kierkegaard in staat om mensen bewust te maken van deze mogelijke keuzes, zonder ze hun vrijheid te ontnemen?”
  • 3 oordelen Kant: analytisch, synthetisch a priori en synthetisch a posteriori: geef voorbeelden.
  • hoe sluit Marx aan bij Feuerbach's kritiek op Hegel en hoe verschilt Marx daarvan?
  • wat is de rol van de kunstenaar bij Schopenhauer en wat betekent dit voor de filosoof?
opo/nl/ba2/sem2/moderne_tijd_2.txt · Last modified: 07-08-2019 12:33 by nfk